Brief uit de toekomst

MINISTERIE VAN ONTGRIJZING

OPROEP

Dagtekening; januari 2081
Betreft: Keuze Beperkende Maatregel

Geachte lezer,

Dit jaar wordt u eenentwintig. U dient zich binnen twee weken na uw verjaardag te melden bij ons bijkantoor in uw woonplaats.

Toelichting
Tussen 2010 en 2060 heeft ons land een enorme crisis doorgemaakt. Door de vergrijzing kwam vooral de gezondheidszorg onder grote druk te staan. Vanwege het tekort aan verplegend personeel werden ziekenhuisopnamen onmogelijk. Verpleeghuizen en zorginstellingen moesten sluiten. Artsen ontvingen vijf ouderen tijdens één groepsconsult en medicijnen waren op rantsoen. Rond 2050 waren er zó veel zeventig plussers, dat de noodtoestand afgekondigd werd. De pensioenen waren toen al twintig jaar bevroren en werden vanaf 2051 verder teruggebracht met honderd euro ouderenaftrek per maand voor elk jaar boven de vijfentachtig. De overlast door rondzwervende bejaarden die door geldtekort noodgedwongen op rooftocht gingen, zorgde voor een onhoudbare toestand.

Daarom is in 2060 de Keuze Beperkende Maatregel (KBM) ingegaan. Op last van de KBM wordt uw algemene lichamelijke en geestelijke gezondheid beoordeeld als u eenentwintig wordt. Daarnaast wordt u getest op motivatie en de wil om te leven. Na de keuring kunt u zich, in overleg met de keuringsarts, en – eventueel – na een gesprek met een geestelijk of maatschappelijk werker, aanmelden als Werker of Opvoeder, of kiezen voor vrijwillige beëindiging.

Nadere uitwerking van de KBM

Vrijwillige Beëindiging
Kiest u voor directe beëindiging, dan verzoeken wij u uw motivatie op papier te stellen, voorzien van de handtekening van uw Opvoeder.
Heeft u eenmaal de keuze voor Werk of Opvoeding gemaakt, dan is vrijwillige beëindiging tot uw zeventigste verjaardag alleen mogelijk in het onverhoopte geval van uitzichtloos lijden. Daarna kunt u kiezen voor vrijwillige beëindiging, of met het bijkantoor een vijfjarig leefcontract afsluiten. Uiteraard wordt u dan opnieuw gekeurd.  Beëindiging van uw leven vindt uiterlijk plaats één dag na uw vijfenzeventigste verjaardag.

Werk
Kiest u voor de positie van Werker, dan wordt u tot uw zeventigste verjaardag op diverse projecten ingezet. Afhankelijk van uw capaciteiten, uw onderwijsresultaten en uw gezondheidstoestand, kunt u kiezen uit verschillende beroepen. Indien nodig volgt u voor het gekozen beroep een opleiding. Uiteraard kunnen de functies, naarmate u ouder wordt, van vorm en/of intensiteit veranderen. Als u voor Werk kiest, komt u niet meer in aanmerking voor Opvoeding.

Opvoeding
Wilt u Opvoeder worden, dan heeft u het recht om, gedurende tien jaar, maximaal elke drie jaar één kind te bestellen in het Staats Laboratorium. U kunt een compositie maken met behulp van de aldaar opgeslagen, zorgvuldig geselecteerde geslachtscellen van de allerhoogste kwaliteit. Ook kunt u – na nauwkeurige screening – uw eigen genetische materiaal voor dat doel aanbieden. De zo door u gekozen structuur wordt daarna geconcipieerd in een reageerbuis. Na een succesvolle bevruchting, wordt het embryo overgeplaatst naar de Staats Ontwikkelaar. Daar groeit de foetus in de gebruikelijke negen maanden uit tot een voldragen baby.  

Ten tijde van de oogst van uw kind wordt u verwacht bij de receptie van uw bijkantoor, waar u het, na registratie in het Oogstregister, in ontvangst kunt nemen. Beschuit met muisjes zijn bij de feestelijkheden inbegrepen.

Uiteraard dient u zich tot aan de inschrijving van uw kind te bekwamen in ontwikkelingspsychologie, verzorging en opvoeding. Beëindiging van het leven van een Opvoeder volgt automatisch nadat een eventueel  jongste kleinkind de leeftijd van eenentwintig jaar heeft bereikt of uiterlijk één dag na uw vijfenzeventigste verjaardag.

Slotbepalingen
Er wordt strikt toegezien op het naleven van Keuze Beperkende Maatregel. Ontduiking wordt ten strengste bestraft.  Het Ministerie vertrouwt op uw medewerking en gaat ervan uit dat het welzijn van bevolking en Staat op deze manier verbeterd wordt.

Dit is een automatisch gegenereerde en daarom niet ondertekende brief.

 ————————————————

Gepubliceerd in Schoon Schip, 18e jaargang, nummer 3/2011
in het thema 'mens en macht' van de rubriek Wassily's Frisbee

Innovatie

 

Anders 
De laatste tijd erger ik mij blind aan al die vernieuwingen overal. Het zal mijn leeftijd wel wezen, maar het lijkt wel alsof het er steeds meer worden. 

Stilstaan is achteruitgaan, hebben de managers van tegenwoordig geleerd. En is stilstaan al een vies woord, achteruitgaan kan natuurlijk helemaal niet. Er moet winst gemaakt worden en hun producten moeten opvallen tussen al die andere soortgelijke producten. Dus er zij innovatie.
Hagelslag gaat in een ander pakje, dat kleiner, groter, smaller, of breder is, of dat een ander plaatje krijgt. Dan wordt het natuurlijk ietsjes (of veel, al naar gelang de grootte van de doos) duurder. Maar het blijft dezelfde hagelslag. Aan sinaasappelsap wordt 5% banaan toegevoegd, of een blauwe bes, het gaat in een flesje, of een plastic zak, het krijgt een nieuwe naam, en het staat ineens voor het dubbele van de oorspronkelijke prijs in de schappen.
Of neem zo iets eenvoudigs als een deodorant in een spuitbusje. Niets bijzonders, maar toch krijgt zo'n busje ongeveer ieder jaar een net iets andere vorm, een net iets andere opening, een ander kleurtje of een ietwat anders ontwerpje. En om de twee of drie jaar komen er andere geurtjes op de markt, of andere namen voor de geurtjes die er al waren. Ik ben al jaren een liefhebster van Rexona deodorant en die veranderen zich te pletter. Alleen de naam blijft hetzelfde. Oude wijn in nieuwe zakken noemden wij dat vroeger.

Waarom doen ze dat? Is een verpakking van twee jaar oud ineens antiek geworden? Klopt het ontwerp na anderhalf jaar plotseling niet meer? Moet de naam van het product een facelift? Of denken ze dat we ineens meer van het product gaan kopen omdat de kleur veranderd is? Wat wel altijd opvalt is dat zo'n geïnnoveerd product bij elke vernieuwing een klein beetje duurder wordt. Je merkt het niet meteen, want eerst is er een actie in de winkel. Dan krijg je er ineens drie voor de prijs van twee. Van de nieuwe prijs welteverstaan, want als er toevallig nog verpakkingen van het oude model voor de oude prijs staan, dan doen die weer niet mee in die actie en sta je later thuis verbijsterd naar de rekening te staren; hè? Het was toch drie voor de prijs van twee? En als je na drie maanden weer terugkomt voor een nieuwe aankoop (want je spuit maar één, hooguit twee keer per dag die deo onder je oksels), dan blijkt de prijs anderhalf keer zo hoog geworden. Datzelfde geldt voor tandpasta, wasmiddel, bodylotion enzovoort enzoverder. Het is om gek van te worden.

Verpakking Overigens werd een nieuwe verpakking van Tropicana na 1 maand alweer uit de handel gehaald omdat de consumenten hem lelijk vonden. Dus voor wie doen ze het eigenlijk, al die veranderingen? Het kost geld, het zaait verwarring en consumenten lopen weg. Wie het weet, mag het zeggen.

Innovatie

 

Anders 
De laatste tijd erger ik mij blind aan al die vernieuwingen overal. Het zal mijn leeftijd wel wezen, maar het lijkt wel alsof het er steeds meer worden. 

Stilstaan is achteruitgaan, hebben de managers van tegenwoordig geleerd. En is stilstaan al een vies woord, achteruitgaan kan natuurlijk helemaal niet. Er moet winst gemaakt worden en hun producten moeten opvallen tussen al die andere soortgelijke producten. Dus er zij innovatie.
Hagelslag gaat in een ander pakje, dat kleiner, groter, smaller, of breder is, of dat een ander plaatje krijgt. Dan wordt het natuurlijk ietsjes (of veel, al naar gelang de grootte van de doos) duurder. Maar het blijft dezelfde hagelslag. Aan sinaasappelsap wordt 5% banaan toegevoegd, of een blauwe bes, het gaat in een flesje, of een plastic zak, het krijgt een nieuwe naam, en het staat ineens voor het dubbele van de oorspronkelijke prijs in de schappen.
Of neem zo iets eenvoudigs als een deodorant in een spuitbusje. Niets bijzonders, maar toch krijgt zo'n busje ongeveer ieder jaar een net iets andere vorm, een net iets andere opening, een ander kleurtje of een ietwat anders ontwerpje. En om de twee of drie jaar komen er andere geurtjes op de markt, of andere namen voor de geurtjes die er al waren. Ik ben al jaren een liefhebster van Rexona deodorant en die veranderen zich te pletter. Alleen de naam blijft hetzelfde. Oude wijn in nieuwe zakken noemden wij dat vroeger.

Waarom doen ze dat? Is een verpakking van twee jaar oud ineens antiek geworden? Klopt het ontwerp na anderhalf jaar plotseling niet meer? Moet de naam van het product een facelift? Of denken ze dat we ineens meer van het product gaan kopen omdat de kleur veranderd is? Wat wel altijd opvalt is dat zo'n geïnnoveerd product bij elke vernieuwing een klein beetje duurder wordt. Je merkt het niet meteen, want eerst is er een actie in de winkel. Dan krijg je er ineens drie voor de prijs van twee. Van de nieuwe prijs welteverstaan, want als er toevallig nog verpakkingen van het oude model voor de oude prijs staan, dan doen die weer niet mee in die actie en sta je later thuis verbijsterd naar de rekening te staren; hè? Het was toch drie voor de prijs van twee? En als je na drie maanden weer terugkomt voor een nieuwe aankoop (want je spuit maar één, hooguit twee keer per dag die deo onder je oksels), dan blijkt de prijs anderhalf keer zo hoog geworden. Datzelfde geldt voor tandpasta, wasmiddel, bodylotion enzovoort enzoverder. Het is om gek van te worden.

Verpakking Overigens werd een nieuwe verpakking van Tropicana na 1 maand alweer uit de handel gehaald omdat de consumenten hem lelijk vonden. Dus voor wie doen ze het eigenlijk, al die veranderingen? Het kost geld, het zaait verwarring en consumenten lopen weg. Wie het weet, mag het zeggen.

Manifestatie tegen bezuinigingen in de GGZ

Grote opkomst

Foto 
De manifestatie op het Malieveld tegen de aangekondigde bezuinigingen op de GGZ is enorm goed bezocht. Naar schatting 10.000 collega's uit heel Nederland reisden af naar Den Haag om te protesteren. 

Foto2 Foto 3

Met zijn allen hebben we duidelijk gemaakt dat de dreigende bezuinigingen discriminerend en stigmatiserend zijn. Minister Schippers, die aan het einde van de manifestatie haar opwachting maakte, noemde de maatregelen die ze wil nemen 'inderdaad ingrijpend, maar wel noodzakelijk'.

 Bekijk hier de rest van het fotoalbum (overgenomen via PBG).

Vandaag debatteert de Tweede Kamer over de bezuinigingen. We zijn benieuwd.

Actie GGZ tegen de bezuinigingen

GGZ 1Vorige week blogde ik over de 600 miljoen bezuinigingen in de in de geestelijke gezondheidszorg (ggz).
Het kabinet laat de ggz opdraaien voor 35% van de bezuinigingen in de zorg, terwijl ze 10% besteedt! De plannen van het kabinet zijn onrechtvaardig. Volgende week woensdag gaan hulpverleners en cliënten uit de ggz uit het hele land naar Den Haag om te demonstreren. Ik zal er ook zijn. En vandaag kwam ik een petitie tegen van die ik inmiddels ondertekend heb. 

 

Doe mee. Kom naar Den Haag. Teken in ieder geval de petitie!

Ggznederland

 

“Dat hebben wij niet nodig”

Sinds 2002 zijn er voedselbanken in Nederland. Eind 2005 waren dat er ongeveer 40 en in 2006 deden ca. 8000 huishoudens een beroep op voedselpakketten. Op dit moment is het aantal voedselbanken toegenomen tot ongeveer 130, verspreid over heel Nederland. Een keer per week of om de week delen ze samen voedselpakketten uit aan ca. 120.000 huishoudens die onder het bestaansminimum (moeten) leven. Het begint lastig te worden die pakketten samen te stellen en daarom is hulp uit Europa nodig, zeggen de voedselbanken.

Europa verdeelt jaarlijks 500 miljoen euro aan vooral overschotten van graan, rijst, zuivel en suiker. De voedselbanken vinden dat Nederland daar ook gebruik van moet gaan maken, omdat ze steeds vaker kleinere voedselpakketten kunnen verstrekken. Bij sommige voedselbanken bestaat zelfs al een wachtlijst (!) voor deelname aan de voedselbank (Ridderkerk en Amersfoort). Want door de slechtere economie en de (dreigende) bezuinigingen, moeten steeds meer mensen een beroep doen op de voedselbanken. Bovendien houden de bedrijven hun producten steeds langer vast, waardoor er minder overblijft om weg te geven. Daarom houden de meeste voedselbanken twee tot viermaal per jaar een actie waarbij particulieren met hun eigen boodschappen iets extra’s kopen in de supermarkt dat zij vervolgens kunnen inleveren bij de voedselbank karretjes voor in de winkel.

De voedselbanken zouden dus erg geholpen zijn met een deel van het Europese Voedselhulp Programma, maar ‘Den Haag’ wil er geen gebruik van maken, ondanks het dringende verzoek van de koepelorganisatie Voedselbanken Nederland. Waarom in ’s hemelsnaam niet, vraag ik mij af? Zou de regering zich schamen dat steeds meer mensen naar de voedselbank moeten komen? Het is natuurlijk ook beschamend dat een deel van de Nederlandse bevolking (tijdelijk) een beroep moet doen op liefdadigheid om te kunnen overleven. Zou staatssecretaris Bleker van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie niet voor zijn collegaatjes in de EU willen weten dat wij in Nederland óók een behoorlijk aantal arme mensen hebben? Zou dat de reden zijn dat hij er niets voor voelt om – in tegenstelling tot 20 van de 27 andere Europese landen – een beroep te doen op de voedseloverschotten die Europa jaarlijks verdeelt? Zou hij daarom in zijn brief aan de voedselbanken geantwoord hebben dat hij vindt dat voedselhulp in individuele landen een sociaal karakter heeft en daarom geen zaak is voor de Europese Unie? En dat de landen zelf moeten bepalen hoe in het levensonderhoud van behoeftigen voorzien moet worden? Maar er vervolgens geen oplossing voor aandragen?  En wat zegt Sociale Zaken? Die reageert helemaal niet.

Ik vind het verbijsterend. Jammer dat de nonnen en paters bijna uitgestorven zijn. Anders konden die de maatschappelijke zorg voor hulpbehoevenden, de jeugdtehuizen, opvoedingsgestichten en tehuizen voor oude lieden weer ter hand nemen. Gratis natuurlijk, want religieuzen kregen alleen kost en inwoning en onderhielden hun instellingen met financiële steun van enkele rijke notabelen. Particuliere liefdadigheid – het nieuwe sociale beleid van Nederland naar 19e eeuws voorbeeld.

Nederland hoeft geen voedselhulp uit Europa. Een gotspe van de eerste orde.

 Voedselbank
 

 

600 miljoen minder naar psychische zorg!

Patiënten met psychische problemen gaan eigen bijdrage betalen, patiënten met lichamelijke kwalen niet.

Wordt er in de gezondheidzorg 395 miljoen bezuinigd op zaken waar ik het mijne van denk, voor de psychische zorg wordt vanaf 2012 600 miljoen minder uitgegeven.

Het kabinet hoopt dat mensen bij ‘klein leed’ dan geen beroep meer doen op psychiatrische hulp. Mensen moeten hun problemen weer wat vaker ‘in eigen kring uitvogelen’, zegt minister Schippers van de VVD. Alsof ze dat niet eerst proberen voordat ze zich melden voor een behandeling bij een psycholoog. Alsof mensen het leuk vinden om naar een psychiater te gaan. En als ze dan eindelijk de moed hebben kunnen opbrengen om naar een psycholoog te gaan (neem maar van mij aan dat heel veel mensen dat nog steeds een afgang vinden), worden, in plaats van de huidige acht, nog maar vijf consulten vergoed uit de basisverzekering. Daarbij gaat de eigen bijdrage omhoog van 15 naar 20 euro per gesprek en komt er in de tweedelijn een eigen bijdrage van 100 tot 295 euro, afhankelijk van de lengte van hun behandeling. Dan hebben we het dus over patiënten met zware psychische problemen, die daardoor langdurig psychiatrische begeleiding nodig hebben. Verder komt er een eigen bijdrage van 145 euro per maand voor patiënten die opgenomen zijn in een instelling voor geestelijke gezondheidszorg, vaak mensen die op bijstandsniveau leven. En last, but not least, gaat de behandeling van een aanpassingsstoornis uit het basispakket.

De opmerking van de minister dat mensen die nu bij de psycholoog lopen, hun problemen in eigen kring kunnen oplossen, vind ik onzin en is eenvoudig te weerleggen. Als mijn cliënten dat hadden gekund, waren ze niet in behandeling gegaan, maar hadden ze het inderdaad zelf wel opgelost. Vaak lopen mensen jaren met problemen voordat ze er überhaupt zelfs maar aan durven denken om de stap te nemen. “Ik ben toch niet gèk”, hoor ik vaak op mijn spreekuur. Nee, dat bent u niet, zeg ik dan naar waarheid. U bent psychisch ziek en daar is gelukkig wat aan te doen.

Met  vijf consulten in de eerstelijn kun je aardig wat problemen te lijf, al kun je het ook ‘pleisters plakken bij psychische problemen’ noemen.  Ook de tweedelijn gebruikt de vijf-gesprekken-methode in de hoop dat cliënten snel opknappen, maar vaak zijn vijf gesprekken eenvoudigweg te weinig om de problemen opgelost te krijgen. Deze mensen zullen dus ofwel meteen moeten worden doorverwezen naar de tweedelijn – wat veel duurder is, ofwel gaan na die vijf consulten alsnog de tweedelijn in – wat het dubbel duur maakt.

Ik vind het discriminerend om psychiatrische patiënten wel een eigen bijdrage te laten betalen voor de hulp die ze krijgen en andere patiënten niet. Het levert bovendien het stigma op dat het allemaal niet zo erg zou zijn. Maar mensen met een depressie, een angststoornis, met rouwproblemen of een persoonlijkheidsstoornis, zijn net zo ziek als mensen met een maagzweer, een longontsteking of kanker.

Kunnen mensen dan niet wat meer zelf betalen? Natuurlijk wel. Ze hebben ook geld over voor het onderhoud aan hun auto, dus waarom dan niet voor hun eigen psychische gezondheid? Maar het is de manier waarop; als je een eigen bijdrage invoert voor psychische behandelingen, moet je dat óók doen voor medische behandelingen. Èn je moet ervoor zorgen dat niet de mensen met de laagste inkomens het gelag gaan betalen.

Hellup!!! Writer down.

 

Ik kan niet meer schrijven. Heb geen invallen, brainwaves of gedachtespinsels. Geen ideeën. Geen hersenkronkels. Niks lukt. Woorden blijven steken. Zinnen komen niet af. Ik klooi wat op mijn pc. Lees mailtjes. Kijk jaloers naar andermens weblogjes. Maar vind geen inspiratie om daar op in te gaan. Het blijft beperkt tot ‘leuk’, of ‘errug leuk’, of ‘hartstikke leuk’. Daar wordt toch niemand blij van? Dus reageer ik niet. En daar word ik zelf nog veel minder blij van.

Wat te doen? Toch schrijven? Maar waarover dan? Juist niet schrijven? Maar hoe lang dan? Iets heel anders gaan doen? Maar wat dan? Ik zit met mijn handen in mijn haar. Wat ook niet helpt, want in mijn haar zitten geen woorden en al helemaal geen ideeën. Hooguit roos. En mijn vingers horen op het toetsenbord. Dus zolang mijn handen in mijn haar zitten, kan ik het wel schudden. Schudden. Helpt ook niet. Aan een pruimenboom wel. Dan vallen er pruimen uit. Als het meezit. Maar aan mezelf? Dan gebeurt er gewoon niets. Ja, die roos. Maar geen woorden. Of zinnen. Laat staan ideeën voor een nieuw verhaal. Er komt geen barst uit, terwijl het voorheen allemaal vanzelf ging. Of in ieder geval getriggerd werd door een woord. Of een gedachte. Of een gebeurtenis. Maar nu? Niks. Nada. Noppes. Nul komma nul.

Writersblock dus. Alwéér. Wil ik helemaal niet. Writersblock. Ik wil een deblokkering of een antiblokkade. Een opening waardoor mijn fantasie weer gaan stromen en de verhalen in mijn vingers vloeien om ze eruit te typen.

Dus ik op internet in de hoop daar iets te vinden. Kom ik op een link die me 8 tips belooft om een writersblock te deblokkeren. Web (hahaha, snap je ‘m; Web? Geen tikfout maar een woordspeling), web ik dus ook geen barst aan. Ik bedoel; dat had ik zelf ook allemaal al bedacht. En er komp gewoon he-le-maal niks.

Hoe hef ik die schrijfversperring op?

Schrijfbenodigdheden 

Natuurlijk waren er nog veel meer tips, waar ik – als ik er zin in zou hebben om ze allemaal door te nemen en uit te voeren- erg veel aan zou kunnen hebben.

Geen inspiratie?    Denk je los    Vijf tips om writer's block bestrijden     Vijf tips om writer's block te doorbreken     Writers block bij bloggers     Weg met die writer's block     Nooit meer writer's block    Het writer's block – geen paniek        Wat nu? 5 tips en 2 adviezen voor terugkeer inspiratie     Het verslaan van de gevreesde writer's block     Hoe overwin ik mijn writer's block?    Writer's block bestaat niet

Maar ja, als het zo gemakkelijk zou zijn ;-) )….

De wereld vergaat weer eens

 

Hé, luister eens… ik lees hier net dat de wereld vandaag vergaat.

Hmmm…?

De wereld vergaat vanavond om 8 uur!

Joh! Is dat niet al eens eerder gebeurd?

Ja, in 1994 en 2005, maar dat ging toen niet door.

Hoezo nu wel dan?

Ja, weet ik het. Dat zegt Harold Camping uit Californië.

En hoe weet hij dat?

Dat heeft hij uit de Bijbel, want hij is predikant.

Vanavond om 8 uur in Californië?

Ja, hoezo?

Nou, dan hebben wij nog even tijd, want als het bij ons 8 uur is, is het daar pas 1 uur ’s middags.

Kun je even serieus blijven asjeblieft? Dit is een wereldwijde gebeurtenis hoor.

Sorry. Neem me niet kwalijk. Waarom precies vandaag?

Omdat het vandaag 722.500 dagen is na de kruisiging van Jezus. Dat getal krijg je als je drie heilige nummers (5, 10 en 17) twee keer met elkaar vermenigvuldigt.

Klinkt logisch. En wat nu?

Ja, niks. Afwachten denk ik. Er is trouwens nog een andere verklaring.

Oja? Wat dan?

Noach bouwde in zeven dagen een ark waarmee hij zichzelf en alle dieren redde van de zondvloed. Ergens anders in de Bijbel staat dat één dag gelijk is aan 1000 jaar, waardoor je uitkomt op 7000 jaar. Met aftrek van het jaar nul, en gecombineerd met andere aanwijzingen uit de Bijbel, kom je op 21 mei 2011.

Ja dat snijdt ook hout. Maar wat gaat er precies gebeuren?

Volgens de dominee komt er een zondvloed, die tot 21 oktober duurt.

Ah, vandaar die Ark van Noach. Ik snap hem. Maar dan vergaat de wereld vandaag toch nog niet?

Nee, het echte einde is over vijf maanden, maar vandaag begint de zondvloed. Hè doe toch niet altijd zo sceptisch. Er zijn dit jaar toch al heel wat overstromingen geweest?

Het spijt me, ik zal me inhouden. En wat gebeurt er met de dominee?

Die mag blijven, zegt ie, net als zijn volgelingen. Het schijnt dat ongeveer 2 procent van de wereldbevolking het gaat overleven.

En waar blijven die dan? De wereld vergaat toch?

Ja, dat weet ik ook niet. In de hemel zeker. Maar als je je vandaag nog bekeert, dan ben je ook uitverkoren en mag je ook blijven.

Bekeren? Hoe? Waar? Bij wie? En wordt dat bijgehouden in een archiefje?

Een archiefje?

Ja. Als de wereld vergaat, wordt het een chaos. Computers werken niet meer, dus daar heb je dan niets meer aan. En het Beheer moet toch weten dat degenen die aan de hemelpoort komen aankloppen, echt uitverkoren zijn en niet zomaar toevallig die zondvloed overleefd hebben zonder zich bekeerd te hebben. Zou wel erg zuur zijn voor die dominee trouwens.

Ach jij altijd! Ik ga koffie zetten

Lijkt me heerlijk.

Survivalsardine 

De hand van de meester

 

Chantàl, schàt, èngel, wat zie jij er goed uiiit. Ge-wèl-dig. Echt hoor, in één woord vet heftig. Nou ja, dat zijn twee woorden natuurlijk, maar je begrijpt wat ik bedoel. Die rok! Die bloeze! Die onwerkelijk hoge pumps. Dat je daar op kan lopen! Dat had ik helemaal niet achter je gezocht. Die kleuren! Wer-ke-lijk paráchtig. Ik kan er níet over uit. Dat oranje! Die klaprozen! En dan dat eenvoudige, bijna simpele, modelletje. Zó chic. Eerlijk waar hoor Chantal, je bent de bloem van de avond. Hahaha, snap je hem? De bloem? Van die bloemen? Op je rok? En het stáát je! Ongeloo-felijk! Wáár hèb je het gevónden?

Ik eh…

Laat me raden… Je bent bij Jean Louis de Cler geweest! Ja, ontken het maar niet. Ik zag het meteen. De hand van de grote meester. Wat zeg ik? De maestro, le maître! Die combineert haute couture met Oudhollandse gezelligheid. Een vondst!

Oh, niet bij de Cler? Bij wie dan wel? Wacht, niks zeggen. Het is van Frits Revers! Ja, nee, nóu zie ik het. Revers is heel erg into de colorieten op het moment. Ja, niets voor mij hoor. Ik houd het vooral op zwart en wit. Dat staat iederéén. Maar wat híj ervan weet te maken. Die composities. Fantastisch gewoon!

Niet van Revers? De Bruin en Grootspraak dan? Ook niet? Lotus? Zaza? Vanderkamp? Nee? Maar van wie is dat schitterende ensemble dan wel? Want het is absolute haute couture. Echt Chantal, hoe dat prachtige uitstaande rokje om jouw lichaam gedrapeerd zit! En die blouse! Dat zei ik net ook al ja. Maar het ís dan ook magnifiek. Zó grandioos gemaakt ook. En dan heb ik het nog niet eens gehad over de accessoires. Zó smaakvol gecombineerd. Vertèl, van wíe ís het?

Nou, eh… ik heb het zelf gemaakt. 

 

Geschreven in het kader van WE300 'overdrijven'; stukjes van exact 300 woorden over een vooraf opgegeven thema. Meer lezen of zelf meedoen? Kijk bij WE300, een initiatief van Plato.